Evaluatie crowdfunding duivensport-documentaire

Crowdfunding presentatie

Crowdfunding presentatie in Eersel

Ruim een maand geleden zijn wij serieus gestart met het crowdfunden van de documentaire “Houdoe, Luchtreiziger!”. Een documentaire over duivensport en generatie-wisselingen.

Resultaat tot dusverre:
Aantal donateurs – 16
Totale bedrag aan donaties – 495 euro

Mmmm.
Valt niet mee. Valt eerlijk gezegd een klein beetje tegen.
Maar.
We willen de moed nog niet opgeven.
Daarom een tussentijdse evaluatie van wat we goed gedaan hebben en wat we fout gedaan hebben. En op basis daarvan globaal onze plannen voor de nabije toekomst.

Wat hebben we goed gedaan?

1. Benoemen van een crowdfunder
In wezen zijn wij geen crowdfunders maar filmmakers. Daarom hebben wij begin juli Femmie gevraagd om voor ons de kar te gaan trekken waar het het crowdfunden betreft. Hoewel de resultaten dus – nog – niet fantastisch zijn, was dit toch een heel goed besluit. Femmie heeft zich tot nog toe met ziel en zaligheid voor het project ingezet en zij heeft in korte tijd een enorme en waardevolle expertise op het gebied van crowdfunden opgebouwd. Trouwens ook op het gebied van de duivensport, het onderwerp van onze documentaire. Het is hierbij wederom duidelijk geworden dat Crowdfunden een vak apart is, niet iets dat je er eventjes naast doet.

2. Starten van een sociale media campagne
Hoewel dat nog niet direct uit de hoeveelheid donaties blijkt, staan we nu als documentaire en ook als crowdfunders wel degelijk op de kaart. Door de vele (205) tweets over onze project vorderingen hebben we nu al 88 volgers op twitter (www.twitter.com/DuivenDocu). Vooral jongeren tussen de 13 en 26 jaar blijken onze tweets en daarmee ons project interessant te vinden.
Ook onze facebook pagina (www.facebook.com/Houdoeluchtreiziger) wordt goed bezocht.
De blog-pagina’s waar we verslag doen van onze crowdfunding leermomenten zijn de best bezochte pagina’s van de Pelicula website (zo’n 7 bezoeken per dag).

Wij verwachten dat het signaal dat we met deze sociale media inspanningen afgeven, namelijk dat wij onze documentaire over duivensport en generatie-conflicten en ook het crowdfunden ervan, uiterst serieus nemen, op termijn zijn vruchten zal gaan afwerpen.

3. Benaderen van de directe doelgroep
De directe doelgroep van deze documentaire zijn de vele, vele duivensport liefhebbers, overal in Nederland. De directe, directe doelgroep van deze documentaire is, zo zou je het kunnen stellen, de duivensport vereniging waar de hoofdpersonen uit de documentaire lid van zijn. Dit is Vereniging de Luchtreizigers uit de Gemeente Eersel. Daarom togen wij op donderdag 26 juli naar Eersel om daar een presentatie te geven, een eerste teaser te laten zien, en de leden van de postduivenvereniging te vragen om een donatie. Hoewel de donaties bescheiden waren, waren de reacties zeer enthousiast. Daarnaast kregen we veel aandacht in de pers. Een artikel in het lokale blad de Trompetter en de Kempenaar. En een life-interview voor Radio Kempen. In latere instantie ook nog een artikel in het landelijke blad “Spoor der Kampioenen”.

Klinkt goed.
Maar toch.
Slechts 16 donateurs, slechts 495 euro aan donaties.

Dus:

Wat hebben we fout gedaan?

1. Spagaat tussen focus op crowdfunden of focus op documentaire
Zijn we nu documentaire-makers die crowdfunden of crowdfunders die een documentaire maken? Twitteren we nu over de vorderingen waar het de realisering van de documentaire betreft, met een voorzichtige verwijzing naar onze crowdfund activiteiten? Of zijn juist die crowdfund-activiteiten het hoofdonderwerp van onze tweets? Wij realiseren ons dat we deze – overigens niet zo eenvoudige – keuze eerder hadden kunnen en vooral ook moeten maken.

2. ‘Valse’ bescheidenheid
Vooral tijdens onze presentatie-sessie bij de postduivenvereniging de Luchtreizigers bleek het ons zwaar te vallen de aanwezigen rechtstreeks om een bijdrage of donatie te vragen. Het voelde enigszins als zeuren of bedelen. Terwijl het dat niet is! Het gevolg van onze voorzichtigheid was, dat de meeste mensen na verloop van tijd de zaal verlieten met de belofte nog eens naar onze site te kijken, om dan tot doneren over te gaan. Niet dus. Uit het oog, uit het hart, uit de donatie.

3. Ongeduld
We beginnen pas. Toch ‘durven’ we nu al ontevreden te zijn. We hadden ons al rijk gerekend. Onterecht. Uit alle publicaties hieromtrent blijkt dat crowdfunden een zaak van lange adem is. Schade en schande dwingen ons nu dat te beamen.

Wat gaan we in de nabije toekomst doen?

1. Meer, meer, meer
Het bescheiden donatie-resultaat na onze presentatie bij Duivensport vereniging de Luchtreizigers moet ons niet demotiveren maar juist aanzetten tot actie. Meer duivensport-verenigingen benaderen, meer duivensport-liefhebbers aanschrijven, meer sites over duivensport inventariseren. Crowdfunding is vooral een kwestie van ‘alle beetjes helpen’.

2. Internationalisering
Wellicht een groot woord. Maar ook België kent duivensport-liefhebbers, ook België kent duivensport-verenigingen en koepelorganisaties, ook België is voor de helft geïnteresseerd in een Nederlandstalige documentaire over duivensport.

3. Verbreding
Onze documentaire gaat nadrukkelijk niet louter en alleen over de duivensport. De duivensport is slechts een aanleiding, een hangup, om een grote verhaal, dat over generatie wisselingen, over vergrijzing en over aanstormende jeugd, te vertellen. Wij hebben ons tot dusverre vooral gericht op liefhebbers van de duivensport. Maar onze documentaire zal van net zoveel zo niet meer betekenis zijn voor een doelgroep als ouderen. Dus we gaan nu ook bonden en organisaties van ouderen benaderen voor een duit in het zakje.

4. Grotere financiers
Juist omdat we nu op de kaart staan, juist omdat er nu op Internet en in duiventijdschriften over ons gesproken wordt, is nu het moment rijp om grotere financiers te benaderen. We bestaan. Dat kunnen we aantonen. En dat kunnen we nu meer dan ooit ‘uitbuiten’.

Conclusie?
We beginnen pas.
Duivensport minnend Nederland zal nog veel van ons horen.
Crowdfundend Nederland zal nog veel van ons horen.
Documentaire liefhebbers zullen nog veel van ons horen.
Wordt vervolgd.
En hoe!